Allochtonen en kanker: taboes en verschillen in ziektebeleving
Kanker is een relatief weinig voorkomende doodsoorzaak bij allochtone Nederlanders. Dit komt doordat ouderen in deze groep meestal behoren tot de eerste generatie migranten en minder last hebben van negatieve effecten van een 'westerse' leefstijl. Door de vergrijzing van de tweede generatie zal het percentage kankerpatiënten de komende jaren fors stijgen. En daarmee ook de vraag naar een cultuursensitievere benadering van de ziekte.

Dit stelt het rapport 'Allochtonen en Kanker' vast dat onlangs verscheen. Zorgverleners moeten bij de behandeling van allochtone kankerpatiënten aandacht hebben voor sociale en culturele aspecten van de ziektebeleving.
De onderzoekers melden dat het hebben van kanker in veel culturen moeilijk bespreekbaar is in de familie en naaste omgeving van de patiënt, wat kan leiden tot het verzwijgen van de ziekte voor de omgeving of tot het vermijden van de noodzakelijke medische behandelingen.

Ook taal kan een goede communicatie over de ziekte in de weg staan, evenals verschillen in interpretatie van ernstige ziekten bij sommige migrantengroepen. Uitleg over wat kanker inhoudt, hoe levensbedreigend de ziekte kan zijn en wat het doel en de mogelijkheden van de behandeling zijn, komt daardoor niet altijd goed over. 
Het Rapport 'Allochtonen en kanker; Sociaal-culturele en epidemiologische aspecten' is opgesteld door de werkgroep 'Allochtonen & Kanker' , onder voorzitterschap van prof. dr. Harry Nijhuis. De werkgroep maakt onderdeel uit van de Signaleringscommissie Kanker van KWF Kankerbestrijding.

Rapport downloaden
 

Volg ons via
Print!
Sluit venster!