Printversie

Corona woordenlijst

Dit is een lijst met moeilijke woorden over het Corona-virus. Van elk woord staat een eenvoudige uitleg. Onder elk moeilijk woord staat een zin waarin het woord wordt gebruikt. Dat noemen wij een voorbeeldzin. Ook van de voorbeeldzin staat een eenvoudige uitleg.

 

1. AantoonbaarHet bewijzen of laten zien dat het werkt.
Het is aantoonbaar dat 1,5 meter afstand helpt tegen besmetting.Het is bewezen dat 1,5 meter afstand helpt tegen besmetting.
2. AfremmenZorgen dat het minder wordt of dat het minder snel gaat.
Het virus afremmen.Ervoor zorgen dat minder mensen het virus krijgen.
3. Afvlakking of AfvlakkenOngeveer hetzelfde als de dagen ervoor.
We zien het aantal opnames van mensen met het Corona-virus afvlakken.We zien dat er ongeveer evenveel mensen worden opgenomen in het ziekenhuis als de dag hiervoor.
4. Antivirale middelenMedicijnen tegen een virus.
De patiënt krijgt antivirale middelen tegen het Corona-virus.De zieke man krijgt medicijnen tegen het Corona-virus.
5. Antivirale therapieBehandeling tegen een virus.
Mensen met het Corona-virus krijgen antivirale therapie.Mensen met Corona krijgen een behandeling tegen het virus.
6. BesmettingenHoeveel mensen Corona hebben.
In Noord-Brabant zijn veel Corona- besmettingen.In Noord-Brabant hebben veel mensen Corona.
7. CDCAmerikaanse gezondheids-organisatie.
Het CDC geeft adviezen.Een Amerikaanse organisatie die adviezen geeft over ziektes.
8. Centraal PlanbureauOrganisatie die onderzoek doet voor de overheid.
Het centraal planbureau onderzoekt hoeveel mensen hun baan verliezen door Corona.De organisatie die onderzoek doet voor de overheid. Bijvoorbeeld hoeveel mensen hun baan verliezen door Corona.
9. Chronische medische aandoeningEen ziekte die niet meer overgaat, bijvoorbeeld astma of diabetes.
Veel mensen in Nederland hebben een chronische medische aandoening.Veel mensen in Nederland hebben een ziekte die niet meer overgaat. Bijvoorbeeld astma of diabetes.
10. ContactberoepenBeroepen waarbij je dichtbij andere mensen moet komen. Bijvoorbeeld kappers en masseurs.
Contactberoepen zijn nu verboden.Beroepen waarbij je dichtbij andere mensen moet komen, zijn nu verboden.
11. ComplicatiesIemand met een complicatie krijgt extra klachten en wordt nog zieker.
De zieke man met Corona heeft een complicatie.De zieke man met Corona krijgt een longontsteking en wordt nog zieker.
12. Corona-centersEen extra gebouw voor mensen met Corona.
Naast het ziekenhuis wordt een Corona-center gebouwd.Naast het ziekenhuis komt een extra gebouw.
13. Corona-crisisErge problemen door het Corona-virus.
Door de Corona-crisis kunnen mensen niet op vakantie.Door de erge problemen met Corona kunnen mensen niet op vakantie.
14. Corona-patiëntenMensen die ziek zijn door Corona.
Er zijn in Spanje veel Corona-patiënten.Er zijn in Spanje veel mensen ziek door het Corona-virus.
15. Corona-periodeHoelang het Corona-virus er is.
We weten niet hoe lang de Corona-periode duurt.We weten niet hoelang het virus er gaat zijn.
16. Corona-verspreidersMensen die het Corona-virus doorgeven aan anderen. Dit gebeurt niet expres.
Op de markt zijn veel Corona-verspreiders.Op de markt zijn veel mensen die het Corona-virus kunnen doorgeven.
17. Corona-virusHet virus waar je Corona van kan krijgen. Dit virus kan mensen erg ziek maken.
Mensen kunnen geen feest geven door het Corona-virus.Mensen kunnen geen feest geven door het nieuwe virus dat je ziek kan maken.
18. Covid -19De ziekte die je van het nieuwe virus kunt krijgen.
Op het internet staat veel informatie over Covid-19.Op het internet staat veel informatie over het Corona-virus.
19. Crisis-beheersing De regels van de overheid tegen de crisis.
Door de crisis-beheersing worden minder mensen ziek.Als iedereen zich aan de regels houdt worden minder mensen ziek.
20. Epidemie Een ziekte die op hetzelfde moment heel veel voorkomt.  
Door een epidemie kunnen veel mensen tegelijk heel ziek worden.Door deze ziekte kunnen veel mensen tegelijk heel ziek worden.
21. Forse boeteHoge geldboete
Je kan een forse boete krijgen.Je kan een hoge geldboete krijgen.
22. FunctionerenOf iets goed werkt
De longen functioneren.De longen werken goed.
23. GepubliceerdHet staat in de krant, tijdschrift of op een website.
In de krant zijn de nieuwe regels gepubliceerd.In de krant staan de nieuwe regels.
24. GetroffenDat je ziek bent geworden.
De persoon is getroffen door Corona. De persoon is ziek geworden door Corona.
25. Gezamenlijke verklaringMeer organisaties zijn het eens, en vertellen het in de krant of op tv.
Het ministerie en het RIVM geven een gezamenlijke verklaring op tv.De overheid en het RIVM vertellen op tv waar ze het over eens zijn.
26. GroepsimmuniteitAls iedereen ziek is geworden van Corona, en je bent weer beter. Dan kun je Corona niet nog een keer krijgen. Je kunt zelf ook geen andere mensen meer ziek maken. Als iedereen in het gezin of in de stad de ziekte al heeft gehad, dan kan niemand de ziekte meer doorgeven. 
27. GroepsvormingEen groep mensen.
Groepsvorming is verboden.Een groep van meer dan 2 mensen is verboden.
28. HandhavingControle door bijvoorbeeld de politie.
Handhaving van de regels is belangrijk.Controle van de regels is belangrijk.
29. HoestschaamteDat mensen zich schamen omdat ze hoesten.
Steeds meer mensen hebben hoestschaamte.Steeds meer mensen schamen zich omdat ze hoesten.
30. IncubatietijdAls je het virus krijgt heb je niet meteen klachten. Dat kan 2 weken duren. Dan word je pas ziek.
Na de incubatietijd krijg je klachten.Als je het virus krijgt, heb je pas na een tijdje klachten.
31. IndicatieEen ziekte of probleem waar je een behandeling voor krijgt.
De persoon krijgt medicijnen voor de indicatie diabetes.De persoon krijgt medicijnen voor diabetes.
32. IndividueleAlleen voor jou.
Het is een individueel advies.Het advies is alleen voor jou.
33. InfluenzaGriep
Deze persoon heeft influenza.Deze persoon heeft griep.
34. InitiatievenEen idee of plan.
Er zijn goede initiatieven om eenzame ouderen te helpen.Er zijn goede ideeën om eenzame ouderen te helpen.
35. Intensive care capaciteitHet aantal bedden in het ziekenhuis op de intensive care (afgekort IC). Dit is de afdeling voor heel zieke patiënten.
De intensive care capaciteit is in elk ziekenhuis anders.Het aantal bedden op de afdeling voor heel zieke mensen is in elk ziekenhuis anders.
36. Intelligente lockdownZoveel mogelijk binnen blijven. Alleen naar buiten als dat echt nodig is, bijvoorbeeld om boodschappen te doen of om de hond uit te laten.
De Nederlandse overheid kiest voor een intelligente lockdown.De Nederlandse overheid kiest voor de regel dat iedereen binnen moet blijven behalve als het echt niet anders kan.
37. IsolatieJe moet binnen blijven om anderen niet te besmetten.

Er mag niemand bij je op bezoek komen. Dit kan thuis zijn of in het ziekenhuis.

De persoon met Corona is thuis in isolatie.De persoon met Corona mag niet naar buiten en ook geen bezoek krijgen.
38. KrachtigerWerkt sterker 
Dit medicijn is veel krachtiger.Dit medicijn werkt veel sterker.
39. KweekstokjeEen soort wattenstaafje om slijm uit de neus of keel te halen.
Het kweekstokje wordt gebruikt bij een Corona-test.Het wattenstaafje wordt gebruikt bij een Corona-test.
40. LockdownDit betekent dat iedereen binnen moet blijven. Je mag alleen naar buiten met toestemming van de overheid. Om naar de supermarkt of apotheek te gaan.  Of als je bijvoorbeeld bij de politie, brandweer of in de zorg werkt.
In sommige landen is een lockdown geweest.In sommige landen moest iedereen thuisblijven.
41. LuchtwegenAlles wat je nodig hebt om adem te halen. Neus, keel, luchtpijp en longen.
De persoon heeft een ziekte aan zijn luchtwegen.De persoon heeft een ziekte aan zijn neus, keel, luchtpijp en longen.
42. MaatregelenRegels van de overheid.
Een maatregel is 2 meter afstand houden.Een regel van de overheid is 2 meter afstand houden.
43. MaximaleZo veel mogelijk.
Het ziekenhuis krijgt maximale hulp.Het ziekenhuis krijgt zoveel mogelijk hulp.
44. Medicijn-fabrikant Een bedrijf dat medicijnen maakt.
De medicijn-fabrikant werkt aan een nieuw medicijn.Het bedrijf dat medicijnen maakt werkt aan een nieuw medicijn.
45. MinimaliserenZo klein mogelijk maken.
Met handen wassen minimaliseren we de kans op Corona.Met handen wassen maken we de kans om Corona te krijgen kleiner.
46. Noodverordening Een speciale regel in een noodsituatie. Bijvoorbeeld dat je nu niet in een groep mag zijn.
De burgemeester maakt een noodverordening.De burgemeester maakt een noodverordening. Dat is een speciale regel in een noodsituatie. Bijvoorbeeld dat je niet in een groep mag zijn.
47. ObjectenDit zijn dingen die je kunt aanraken, bijvoorbeeld een winkelwagentje of deur.
Het is belangrijk dat je geen objecten aanraakt waar het Corona-virus op kan zitten.Het is belangrijk dat je geen dingen aanraakt, bijvoorbeeld de deur of winkelwagentje. Daar kan het Corona-virus op zitten.
48. Ondergrens van 100Niet meer dan 100 personen.
Feesten met een ondergrens van 100 personen.Feesten met niet meer dan 100 personen.
49. OnwaarNiet waar
De informatie is onwaar.De informatie is niet waar.
50. OrgaanfalenDat organen niet meer werken. Bijvoorbeeld je longen, hart of lever.
Deze persoon heeft orgaanfalen.Bij deze persoon werken de organen niet meer. Organen zijn bijvoorbeeld longen, hart, nieren of lever.
51. Outbreak management teamEen team van artsen en het RIVM. Zij zorgen ervoor dat zo weinig mogelijk mensen het virus krijgen en doorgeven aan andere mensen.
Het outbreak management team adviseert de regering.Een team van artsen en het RIVM geeft advies aan de regering.
52. PandemieBij een pandemie is een ziekte in veel landen tegelijk. Veel mensen worden dan ziek. Mensen geven de ziekte aan elkaar door. Dat doen ze niet expres.
Het Corona-virus is een pandemie.Het Corona-virus is een pandemie. Bij een pandemie is een ziekte in veel landen tegelijk. Veel mensen worden dan ziek. Mensen geven Corona aan elkaar door. Dat doen ze niet expres.
53. Patiënten-stroomHeel veel patiënten.
Bij het ziekenhuis is een grote patiënten-stroom.Bij het ziekenhuis zijn heel veel patiënten.
54. PneumoniaLong-ontsteking. Ziekte van de longen.
De persoon heeft een pneumonia.De persoon heeft een longontsteking. Dit is een ziekte van de longen.
55. ProfessorEen professor is een dokter of leraar die veel geleerd heeft en veel weet. Bijvoorbeeld over het Corona-virus.
De professor geeft uitleg.Een dokter of leraar die veel geleerd heeft en veel weet geeft uitleg.
56. Publieke gezondheid De gezondheid van alle mensen in Nederland.
Door het Corona-virus is de publieke gezondheid in gevaar.Door het Corona-virus is de gezondheid van alle mensen in Nederland in gevaar.
57. QuarantaineJe moet binnen blijven om anderen niet te besmetten.

Er mag niemand bij je op bezoek komen. Dit kan thuis zijn of in het ziekenhuis.

De persoon met Corona is thuis in quarantaine.De persoon met Corona mag niet naar buiten en ook geen bezoek krijgen.
58. Risico-groepenMensen die oud, zijn, niet zo gezond zijn of al een andere ziekte hebben.
Risico-groepen kunnen extra ziek worden door Corona.Mensen die oud, zijn, niet zo gezond zijn of al een andere ziekte hebben. Zij kunnen erg ziek worden van Corona.
59. RIVMRijksInstituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Een organisatie die probeert alle mensen en de omgeving waarin we leven gezond te houden.
Het RIVM geeft advies over het Corona-virus.Ze geven advies aan de overheid over Corona.
60. SaamhorigheidGevoel dat je bij elkaar hoort en elkaar steunt.
De koning praat in zijn toespraak over saamhorigheid.De koning praat in zijn toespraak over het gevoel dat je bij elkaar hoort en elkaar steunt.
61. SamenscholenIn een groep bij elkaar komen.
Samenscholen met 3 of meer mensen is verboden.Een groep van 3 of meer mensen is verboden.
62. SeparaatApart
De zieke ligt in een separate kamer.De zieke ligt alleen op een kamer.
63. Simpelweg Gewoon 
Het kan simpelweg niet.Het kan gewoon niet.
64. Social distancingBlijf 2 meter weg van andere mensen
De overheid vindt social distancing een belangrijke regel.De overheid vindt 2 meter afstand van andere mensen een belangrijke regel.
65. SpoedtentEen tent bij een ziekenhuis.
In de spoedtent onderzoeken dokters de mensen met Corona.In een extra tent onderzoeken dokters de mensen met Corona.
66. StilgelegdGestopt
Het voetbal is tijdelijk stilgelegd.Het voetbal is tijdelijk gestopt.
67. SymptomenKlachten
Symptomen van Corona zijn bijvoorbeeld hoesten en koorts.De klachten van het Corona-virus zijn bijvoorbeeld hoesten en koorts.
68. ToelietenDat je naar binnen mocht.
Ze lieten alle mensen toe.Alle mensen mochten naar binnen.
69. UitbraakAls opeens heel veel mensen ziek worden van een virus.
De uitbraak van het Corona-virus begon in China.In China werden opeens veel mensen ziek door het virus.
70. UitdovenSteeds minder mensen hebben het virus.
In China is het virus aan het uitdoven.In China hebben steeds minder mensen het virus.
71. UMCGUniversitair Medisch Centrum Groningen.
Ziekenhuis in Groningen.
Het UMCG is een groot ziekenhuis in het noorden van Nederland.Het ziekenhuis in Groningen is een groot ziekenhuis in het noorden van Nederland.
72. VaccinEen medicijn dat ervoor zorgt dat je een ziekte niet krijgt.
Bijvoorbeeld een griepprik. 
Er wordt hard gewerkt aan een vaccin voor Corona. Er wordt hard gewerkt aan een medicijn dat ervoor zorgt dat je geen Corona krijgt.
73. Veiligheidsregio’s Nederland is verdeeld in gebieden.
In elk gebied beslissen burgemeesters, brandweer en politie over regels. 
Veiligheidsregio’s denken na over nieuwe regels.Burgemeesters, brandweer en politie uit een gebied denken na over nieuwe regels.
74. Verpleeghuizen weren bezoek. Niemand mag meer op bezoek komen bij verpleeghuizen.
75. VerspreidingHet viruskomt op steeds meer plekken in de wereld.
In Italië is een grote verspreiding van Corona.Veel mensen in Italië hebben Corona.
76. ViroloogEen specialist of onderzoeker die veel weet over virussen.
De viroloog geeft uitleg over Corona.De specialist die veel weet over virussen geeft uitleg.
77. Virusdreiging Het gevaar dat steeds meer mensen het virus krijgen.
De overheid neemt maatregelen tegen de virusdreiging.De overheid neemt maatregelen tegen het gevaar dat steeds meer mensen het virus krijgen.
78. Vitale beroepenBeroepen die nu belangrijk zijn. Bijvoorbeeld arts, brandweerman en mensen die in de supermarkt werken.
Mensen met vitale beroepen moeten wel naar hun werk.Mensen met een belangrijk beroep moeten wel naar hun werk.
79. VoorschriftenRegels
Iedereen in Nederland moet zich aan de voorschriften houden.Iedereen in Nederland moet zich aan de regels houden.
80. WHODe organisatie die adviezen over gezondheid geeft in de hele wereld.
De WHO zegt dat iedereen de handen vaak moet wassen.De organisatie die adviezen over gezondheid geeft zegt dat iedereen de handen vaak moet wassen.

Begrijpelijke en up-to-date informatie over het coronavirus Covid-19

De belangrijkste informatie over het coronavirus is beschikbaar in eenvoudige taal in de talen Nederlands, Engels, Turks, Arabisch, Tigrinya, Pools, Chinees, Farsi en Somalisch. We actualiseren en testen alle informatie voortdurend.

De informatie met hygiënische maatregen is er ook in posterformaat (in Nederlands, Engels, Turks, Arabisch en Tigrinya).