Praktijkvoorbeeld Kansrijke Start

Kansrijk van Start in Heerlen: Het Jonge Ouders Project

In 2018 startte in de gemeente Heerlen het ‘Actieprogramma ‘Kansrijk van Start‘ 2018-2020. Hierin werken professionals uit het medische- en sociale domein samen om iedere (aanstaande) ouder en het kind een kansrijke start te bieden. Het in 2016 gestarte Jonge Ouders Project (JOP), is sinds 2018 één van de deelprojecten binnen Kansrijk van Start. Het JOP is een integraal samenwerkingsverband tussen de gemeente en zorgaanbieders met verschillende expertises.

Kansrijke van Start Heerlen

Kansrijke van Start in Heerlen heeft als doel om alle kinderen in de gemeente gelijke kansen te bieden. Heerlen zet zich bijvoorbeeld in op het verminderen van ongunstige sociale- en omgevingsfactoren. Inmiddels is het actieprogramma Kansrijk van Start Heerlen verlengd tot en met 2023. De afgelopen jaren is er een goede samenwerking tussen het medische en sociale domein ontstaan. Komende jaren ligt de focus op de allerjongste kinderen in de stad en hun (aanstaande) ouders. Met onder andere het uitreiken van babystartpakketten en ontmoetingsmomenten in Sjpruutcafés (moedercafés) krijgen (aanstaande) ouders laagdrempelige, directe en praktische hulp. Kijk hier voor meer informatie.

Het Jonge Ouders Project is gestart om kwetsbare jonge ouders laagdrempelig te helpen om binnen hun eigen vermogen zorg te dragen voor hun kind(eren). “We hebben als doelstelling dat ieder kind het recht heeft op een goede start. Daar is het hele programma op gebaseerd”, vertelt Simone Knops, projectleider van het Jonge Ouders Project.

Veel jonge ouders in Heerlen

Het zaadje voor het JOP werd in 2016 geplant. Toen het actieprogramma Kansrijk van Start Heerlen werd opgestart en de eerste samenwerkingen werden gezocht, was het JOP direct een deelgenoot. De aanleiding voor Kansrijke Start in Heerlen was het relatief hoge aantal kwetsbare jonge ouders. Het percentage ouders jonger dan 23 lag in Heerlen aanzienlijk hoger dan in de rest van Nederland, Limburg en de Parkstad-regio. Van ouders die in 2016 een kind kregen en achterliggende problemen hadden (GGZ, slachtoffer of verdachte van een misdrijf, medicijnen voor psychische zorg), lag het percentage in Heerlen ook het hoogst. “Het is 2 voor 12”, meldde het college destijds.

Samenbrengen en bij elkaar houden van expertises

Het JOP ontwikkelde een eigen methodiek gericht op een integrale en laagdrempelige begeleiding van jonge ouders. Voor 2018 was er weinig samenwerking tussen de verschillende zorgaanbieders voor deze doelgroep. “Wat je vaak zag, was dat er acht verschillende hulpverleners bij een gezin binnenkwamen”, vertelt Knops. Hierdoor bouwden de jonge ouders moeilijk een vertrouwensband met de begeleiders op en sloot de hulp niet goed op elkaar aan.

Het JOP is vanaf het begin heel zorgvuldig te werk gegaan bij het zoeken van samenwerkingspartners. De projectleiders maakten een profielschets waaruit duidelijk moest worden welke expertises er binnen de integrale samenwerking nodig waren en welke zorgaanbieders en organisaties daar het beste bij zouden passen. Uit die profielschets kwamen vijf expertisegebieden:

  1. Het jonge kind
  2. Opvoedondersteuning
  3. GGZ
  4. Mensen met licht verstandelijke beperking
  5. Multiproblematiek

Zorgaanbieders met deze expertises en werkzaam met jonge ouders werden uitgenodigd voor een gesprek om de eerste verbindingen met elkaar te leggen. De noodzaak om samen te werken en van elkaar te leren was er direct: “We hebben nooit ervaren dat er geen commitment was van de betrokken partijen”, vertelt Knops.

Het is belangrijk om de verbindingen tussen alle partijen warm te houden. Het JOP doet dat door een maandelijks overleg te houden. Tijdens die bijeenkomsten komen aandachtsfunctionarissen van de verschillende expertises samen om casussen te bespreken en in workshops van elkaar te leren. Er wordt met elkaar besproken welke ondersteuning het best bij de casus past en welke organisaties daarbij in actie moeten komen. Knops: “Een begeleider gericht op multiproblematiek, koppel je bijvoorbeeld aan iemand die specifiek gericht is op het jonge kind en de ontwikkeling van het kind. Op die manier kun je van elkaar leren, elkaar echt ondersteunen binnen een gezin. Met als doel natuurlijk het gezin weer in hun eigen kracht te zetten”. Om de vertrouwensband tussen de hulpverlener en het jonge gezin te waarborgen, worden er vanuit het JOP maximaal twee professionals aan het gezin gekoppeld.

Gezamenlijke doelen

Jaarlijks formuleert het JOP nieuwe doelen voor het aankomende jaar. Volgens Knops is het belangrijk om die doelen steeds met alle partijen gezamenlijk te formuleren en te evalueren: “Zo behouden we de verbinding met elkaar. Het worden doelen van ons allemaal, in plaats van doelen die voor ons worden bepaald en dan worden opgelegd. Door die gezamenlijke doelen blijven alle partijen zich betrokken voelen met elkaar en met het project.”

Uitbreiding van de samenwerking

Binnen het JOP werken professionals die gespecialiseerd zijn in het jonge kind en die zich bezighouden met de leefwereld van jonge ouders. Deze professionals werken vanuit coöperatie JENS. JENS werkt inmiddels in nog twee andere gemeenten in de regio . Een mooi voorbeeld hoe in het JOP partijen samenkomen, die daarna ook daarbuiten de samenwerking opzoeken.

Daarnaast zocht Zuyd Hogeschool contact met het JOP: Marijke Sniekers, docent Social Work en onderzoeker bij het lectoraat Sociale Integratie kende het JOP vanuit haar promotieonderzoek naar jonge moeders. Binnenkort start zij, in samenwerking met het JOP, een actieonderzoek om te kijken naar de (zorg)behoeftes van de vaders in de jonge gezinnen. Jonge ouders werken als ervaringsdeskundigen mee aan het onderzoek. Een belangrijk doel is om de methodiek van JOP, die gericht is op jonge moeders, te versterken en uit te breiden naar jonge vaders. Het onderzoek moet de handelingsverlegenheid van professionals van het JOP richting de jonge vader wegnemen. Sniekers: “Het is vaak al een grote winst als je als professional een vertrouwensband hebt met de moeder. Je staat dan voor het dilemma dat die band kan verslechteren, als je contact probeert te maken met de vader van het kind. Omdat de vader niet in beeld is of geen gezag heeft.” Volgens Knops zijn dit soort onderzoeken ontzettend waardevol voor de professionalisering van het project.

De ontwikkeling van het JOP focust zich de komende periode op het professionaliseren van de methodiek en het uitbreiden van samenwerking. Er is een grote wens om verbindingen die het JOP binnen het sociale domein heeft, uit te breiden naar het medische domein. “Het zou mooi zijn om in die integrale samenwerking verloskundigen, gynaecologen en de JGZ te betrekken, zodat je kwetsbare aanstaande ouders eerder in beeld krijgt”, vertelt Sniekers. Knops vult haar aan: “Maar ook met kinderartsen zouden we graag kortere lijnen willen.”

Het JOP gaat hulpverleners trainen in de JOP-methodiek om de integrale manier van samenwerken handen en voeten te geven in Heerlen en in de gemeenten daaromheen.

Resultaten

Sinds de start van het Jonge Ouders Project in 2016 zijn meerdere casussen positief afgesloten omdat de situatie stabiel genoeg was geworden. Ouders kregen bijvoorbeeld een (nieuwe) baan of begonnen aan een opleiding Ook leerden ze beter aan te sluiten op de behoeftes van hun kind. Knops hoort veel positieve reacties van jonge ouders die aangeven dat ze echt blij zijn met de hulp die ze hebben gehad. Reacties die ze krijgt zijn onder andere: ‘ik voel me lekkerder in mijn vel’, ‘ik ben trots dat ik dit nu ook zelf kan’ en ‘ik voel me veel meer capabel om mijn rol te pakken’. “Dat zijn voor ons de waardevolle resultaten”, zegt Knops.

Tips

  • Maak een goede en zorgvuldige profielschets: wat is belangrijk, welke expertise hebben we nodig en welke organisaties sluiten daar goed op aan?
  • Ga met alle organisaties en zorgaanbieders in gesprek. Kijk waar je elkaar kunt ondersteunen, waar ieders kracht ligt en werk samen. Zo leer je het best van elkaar.
  • Kom als projectgroep regelmatig bij elkaar, bijvoorbeeld eens per maand. Het is belangrijk om die verbinding met alle partijen warm te houden.
  • Formuleer jaarlijks doelen met elkaar en evalueer die doelen met elkaar. Zo worden het gezamenlijke doelen en blijven alle partijen de commitment voelen.

Contact

Hanneke van Zoest adviseert de gemeente Heerlen voor het programma ‘Lokale Coalities Kansrijke Start’. Wil je meer weten over het werk van dit programma in Heerlen? Neem dan contact op met Hanneke.