GLI: zo ga je er succesvol mee aan de slag

Een Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) is een interventie gericht op gedragsverandering bij mensen met overgewicht of obesitas. Bij een GLI werken professionals uit verschillende disciplines samen, zoals een leefstijlcoach, diëtist en fysio- of oefentherapeut. Het doel van de interventie is gewichtsvermindering. Om de GLI ook effectief te laten zijn voor mensen met een lage sociaaleconomische status (SES) of migratieachtergrond, is extra aandacht en ondersteuning noodzakelijk.

Gecombineerde Leefstijlinterventie in het kort

  • De GLI is een interventie gericht op het tegengaan van overgewicht of obesitas
  • Het is een combinatie van behandelingen gericht op gezondere voeding en eetgewoonten, meer bewegen en blijvende gedragsverandering
  • De Gecombineerde Leefstijlinterventie wordt aangeboden door gecertificeerde leefstijlcoaches
  • Deelname aan een van de zeven erkende GLI’s wordt vergoed vanuit het basispakket van de zorgverzekering
  • De GLI is het vaakst effectief bij mensen met een hoge SES
  • Er zijn GLI-programma’s die speciaal focussen op de lage SES-doelgroep
  • Bij kwetsbare doelgroepen is een integrale aanpak vaak effectiever

Middelen om in jouw gemeente aan de slag te gaan met de GLI

Wat is een Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI)?

De Gecombineerde Leefstijlinterventie is een interventie die zich richt op het bestrijden van overgewicht en obesitas door gedragsverandering. De GLI wordt aangeboden in de vorm van een tweejarig programma. Dit programma is te volgen bij gecertificeerde leefstijlcoaches. Dit wordt vergoed vanuit de basisverzekering.

GLI: focus op gezonder eten, meer bewegen en gedragsverandering

De GLI is gericht op blijvende gewichtsvermindering. Daarbij ligt de focus op drie gebieden:

  • Gezonder eten
  • Meer bewegen
  • Gedragsverandering

Deelname GLI vergoed voor mensen met obesitas of overgewicht

De GLI is bedoeld voor mensen met obesitas of overgewicht. We spreken van obesitas bij een BMI van 30 of hoger en van overgewicht bij een BMI vanaf 25. Bij mensen met overgewicht moet er ook sprake zijn van een verhoogd risico op hart- en vaatziekten of diabetes type 2, of van artrose of slaapapneu.

Mensen die aan deze voorwaarden voldoen, kunnen een verwijzing krijgen via de huisarts of medisch specialist. Sinds 2019 wordt deelname aan een gecertificeerd GLI-programma voor hen vergoed vanuit de basisverzekering. Het valt niet onder het eigen risico.

Zeven erkende GLI-programma’s

Er zijn op dit moment zeven erkende GLI-programma’s, die vanuit de basisverzekering worden vergoed:

Alleen gecertificeerde leefstijlcoaches mogen een GLI-programma aanbieden. Vaak zijn dit fysiotherapeuten, diëtisten of praktijkondersteuners.

Gecombineerde Leefstijlinterventie: programma van 2 jaar

Een programma van een GLI duurt twee jaar. Alle programma’s beginnen met een behandelfase, bestaande uit een vooraf vastgesteld aantal individuele en groepsbijeenkomsten. Daarna volgt de onderhoudsfase met daarin een aantal terugkom- of monitoringsmomenten. Deze fase is vooral gericht op terugvalpreventie.

GLI heeft de potentie om gezondheidsverschillen te helpen verkleinen

Mensen met weinig inkomen, een lage opleiding of een migratieachtergrond hebben grotere kans op een slechtere gezondheid. Ook hebben zij relatief vaker problematisch overgewicht dan mensen met een hbo- of universitaire opleiding. De GLI wordt ingezet om problematisch overgewicht te bestrijden. Daarmee heeft het de potentie bij te dragen aan het verkleinen van gezondheidsverschillen in een gemeente.

Gecombineerde Leefstijlinterventie vraagt om integrale aanpak

Bij een GLI werken professionals uit verschillende disciplines integraal samen. Denk aan een fysiotherapeut, diëtist, oefentherapeut en sportaanbieders. Als team helpen zij mensen uit de doelgroep gezonder te gaan leven en dat ook te blijven doen.

In het leven van mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden en/of een lage sociaaleconomische status (SES) spelen vaak meerdere problemen. Door sociale, financiële of gezinsproblemen hebben zij minder aandacht voor hun gezondheid. Met een geïntegreerde aanpak vergroot je de kans op een effectieve interventie.

GLI vaak niet zo effectief bij mensen met lage SES

De praktijk wijst uit dat de maatregel vooral effectief is bij mensen met een hogere sociaaleconomische status. Mensen met een lage SES en/of migratieachtergrond hebben minder vaak baat bij interventies als een GLI.

Ze sluiten niet voldoende aan bij hun mogelijkheden en leefwereld en zijn onvoldoende cultuursensitief. Zo zijn materialen bijvoorbeeld te ingewikkeld, of is het sportaanbod te duur of niet geschikt.

Extra ondersteuning vanuit het sociaal domein nodig

Om de GLI ook voor deze mensen effectief te laten zijn, is extra ondersteuning nodig vanuit het sociaal domein. Gezamenlijk en regulier overleg tussen ambtenaren van Volksgezondheid, schuldhulpverlening, het wijk- of gebiedsteam en buurtsportcoaches is daarbij een belangrijke sleutel tot succes.

Leefstijlcoaches: meer tijd nodig voor maatwerk

Daarnaast hebben leefstijlcoaches meer ruimte nodig om maatwerk te kunnen leveren. Bijvoorbeeld om extra contactmomenten in te lassen om het groepsgevoel en de continuïteit te versterken. Om dit te kunnen realiseren, moeten ze tijd vergoed krijgen die ze zelf kunnen indelen. Zodat zij naar eigen inzicht kunnen inspelen op de behoeftes van hun deelnemers.

Zes praktische en strategische hulpmiddelen om de GLI effectief in te zetten

Wie beroepsmatig aan de slag gaat met de Gecombineerde Leefstijlinterventie kan putten uit een groot aantal praktische en inspirerende middelen om de interventie succesvol te maken.

Handreiking met tips voor een effectieve interventie voor iedereen

In deze handreiking van Pharos vind je vijf tips voor een effectieve interventie voor iedereen:

  • Tip 1: Betrek de doelgroep in alle fasen van de interventieontwikkeling
  • Tip 2: Kijk verder dan het gezondheidsprobleem
  • Tip 3: Zorg voor passende communicatie
  • Tip 4: Ondersteun het geloof in eigen kunnen
  • Tip 5: Haal praktische drempels weg

Infosheet Bereiken en Betrekken

Om gezondheidsachterstanden te verkleinen, is het belangrijk om mensen met een lagere maatschappelijke positie of een migratieachtergrond te bereiken en betrekken. Pharos heeft op basis van kennis en ervaring vier bouwstenen ontwikkeld voor professionals en vrijwilligers die werken in de sectoren zorg, welzijn of gemeente:

  1. Verkennen
  2. Contact leggen
  3. Betrekken
  4. Aansluiten

Deze stappen bieden praktische handvatten om een interventie, activiteit of beleid te ontwikkelen waarbij je iedereen bereikt en betrekt. Júist ook de mensen met een lagere maatschappelijke positie en/of migratieachtergrond.

Overzicht met leefstijlcoaches per gemeente

Het Loket Gezond Leven heeft een overzicht met daarop alle aanbieders van de gecombineerde leefstijlinterventie die een licentie hebben voor een van de erkende GLI-programma’s in jouw gemeente.

Tool voor maatschappelijke en economische inzichten per gemeente

Op waarstaatjegemeente.nl vind je tot op wijkniveau cijfers over allerlei terreinen zoals gezondheid, werk, inkomen en sport. De cijfers kunnen helpen de aandachtspunten voor een succesvolle interventie duidelijk te maken.

Instrumenten voor testen van communicatie op begrijpelijkheid

  • In Nederland hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen en schrijven. Informatie- en voorlichtingsmateriaal is voor hen niet voldoende toegankelijk en begrijpelijk. Zij weten niet wat ze moeten doen na het lezen, bekijken of beluisteren ervan.
  • In dit deze handreiking lees je hoe je materialen kunt testen, welke methoden je kunt gebruiken en hoe een testsessie in zijn werk gaat.
  • De testpanels van Stichting ABC zijn hier ook erg geschikt voor.
  • Met het Voorlichtingsmateriaal Beoordelingsinstrument (VBI) van Pharos beoordeel je de begrijpelijkheid en toepasbaarheid van voorlichtingsmaterialen.

Overzicht aangesloten gemeenten bij Volwassenenfonds

Het Volwassenenfonds Sport & Cultuur zorgt er voor dat het lesgeld en/of materialen worden betaald voor volwassenen die leven rond het bestaansminimum. Gebruik de gemeentechecker om te zien of jouw gemeente al is aangehaakt.

Een aanvraag wordt gedaan door een intermediair. Dit kan bijvoorbeeld een schuldhulpverlener, buurtsportcoach of leefstijlcoach zijn. Het fonds ondersteunt deelnemende gemeenten met onder meer het werven van intermediairs en met communicatiemiddelen.

Vijf succesfactoren voor een effectieve inzet van de GLI voor iedereen

Een effectief preventiebeleid valt of staat met een aantal randvoorwaarden. Deze vijf succesfactoren zijn essentieel voor het formuleren en uitvoeren van een effectief preventiebeleid waarmee je iedereen bereikt. Dus ook de inwoners met beperktere gezondheidsvaardigheden en/of in kwetsbare omstandigheden.

1. Differentieer naar wat verschillende doelgroepen nodig hebben

Een GLI is een voorbeeld van een enkelvoudige standaardinterventie voor een zo breed mogelijke groep. Voor mensen met goede gezondheidsvaardigheden kan de GLI een effectieve interventie zijn. Maar een one-size-fits-all-interventie bereikt juist die doelgroep die er het meeste baat bij kan hebben het slechtst.

Voor mensen uit kwetsbare groepen is vaak extra aandacht nodig om de aanpak toegankelijk, passend en begrijpelijk te maken. En deze zo beter aan te laten sluiten op de omstandigheden en vaardigheden van de deelnemers.

Hier lees je meer over hoe lokale samenwerking kan bijdragen aan het verbeteren van persoonsgerichte zorg en preventie.

2. Integrale aanpak: kijk breder dan alleen leefstijl

Bij mensen in de lage SES-doelgroep of met een migratieachtergrond spelen vaak meerdere problemen die bijdragen aan overgewicht of obesitas. Ogenschijnlijk op zichzelf staande factoren kunnen elkaar versterken en iemands gezondheid negatief beïnvloeden. Denk aan armoede, stress, eenzaamheid, werkloosheid, schulden, trauma en relatie- of opvoedproblemen.

Een interventie die alleen maar focust op gewichtsvermindering is dan niet effectief. Bij een integrale preventieaanpak ligt de focus op het verbeteren van de leefstijl en gezondheidsvaardigheden, maar wordt ook rekening gehouden met achterliggende oorzaken, zoals omgevingsfactoren of armoede.

3. Zoek de samenwerking met andere professionals in zorg, welzijn en preventie

Ga om tafel met professionals uit verschillende domeinen om samen te kijken wat er lokaal nodig is voor een succesvolle uitvoering van de GLI. Denk aan huisartsen, zorggroepen, leefstijlcoaches, buurtsportcoaches en het sociaal wijkteam. Zo ontstaan korte lijnen en creëer je gedeeld eigenaarschap.

4. Breng in kaart welke financiële ondersteuning er mogelijk is voor sportactiviteiten

De meeste GLI- porgramma’s vergoeden geen sport- of beweegactiviteiten. Geld kan daarom een drempel zijn voor mensen om te sporten. Deelname aan sport valt niet onder vergoeding van de GLI. Mensen die in armoede leven kunnen ook geen kleine eigen bijdrage betalen voor een sportactiviteit.

Breng in kaart welke mogelijkheden er in jouw gemeente zijn voor financiële ondersteuning. Is er bijvoorbeeld iets mogelijk vanuit de Gemeentepolis? Ook zijn er verschillende fondsen en subsidies die gemeenten kunnen inzetten om bij te dragen aan deze kosten. Denk bijvoorbeeld aan het Volwassenfonds Sport & Cultuur.

5. Zorg voor een warme overdracht naar beweegactiviteiten in de wijk

Mensen met overgewicht en een lage SES voelen vaak grote afstand tot sporten en bewegen. Ze weten bijvoorbeeld niet waar dat kan, hoe ze zich kunnen aansluiten en wat het kost. Een warme overdracht naar betaalbaar lokaal beweegaanbod is daarom essentieel om ervoor te zorgen dat deelnemers meer gaan en blijven bewegen. De buurtsportcoach kan hierin een verbindende schakel zijn.

GLI effectief inzetten: drie valkuilen

Wil je de Gecombineerde Leefstijlinterventie effectief inzetten om gezondheidsverschillen in jouw gemeente te verkleinen? Wees dan alert op valkuilen die verhinderen dat de GLI effectief is bij de lage SES-doelgroep of deelnemers met een migratieachtergrond.

Kwetsbare doelgroep weet de GLI niet te vinden

De Gecombineerde Leefstijlinterventie is nog onvoldoende bekend bij kwetsbare doelgroepen met beperkte gezondheidsvaardigheden en/of een lage SES. Zij weten vaak niet dat de GLI bestaat of wat de meerwaarde ervan is. Ook weten ze niet altijd dat deelname vanuit de basisverzekering wordt vergoed. Niet iedere huisarts verwijst uit zichzelf naar de GLI. De kans dat deze groep zelf bij de huisarts om een verwijzing vraagt is klein.

Zorg mijden uit angst voor onverwachte kosten

Zeker bij mensen met weinig geld kan angst voor onverwachte kosten een drempel zijn om deel te nemen aan de GLI of aan sportactiviteiten. Zij hebben bijvoorbeeld een negatieve ervaring met achteraf veel moeten betalen voor zorg. Om dit niet weer mee te hoeven maken, mijden zij nu nieuwe vormen van zorg of ondersteuning.

Onvoldoende aandacht voor culturele diversiteit

Mensen met een migratieachtergrond hebben vaker overgewicht of obesitas dan mensen met een westerse achtergrond. Toch is er in de meeste GLI’s onvoldoende aandacht voor culturele diversiteit. Denk aan diverse diëten en leefstijlen van deelnemers of aan een taalbarrière.

Ook staan mensen met een migratieachtergrond soms anders tegenover bewegen. Fietsen is bijvoorbeeld ongebruikelijk bij sommige groepen. Net als sporten in de publieke ruimte of gemengd sporten.

De Gecombineerde Leefstijlinterventie in de praktijk: cases en best practices

Inspirerende cases en best practices van gemeenten en organisaties die de Gecombineerde Leefstijlinterventie specifiek inzetten om kwetsbare doelgroepen te bereiken.

X-Fittt 2.0: gemeente financiert betaalbaar sporten binnen de GLI

X-Fittt 2.0 is een GLI ontwikkeld door lokale partijen in Arnhem. Deze variant op X-Fittt GLI onderscheidt zich door beweging betaalbaar en in groepsverband aan te bieden aan mensen met een lage SES. De gemeente schrijft mensen met een minimuminkomen aan met informatie over X‑Fittt 2.0.

Bijzonder is dat ook de wekelijkse beweeglessen in de eerste 12 weken worden vergoed. Hierna betalen deelnemers een gereduceerd tarief voor het beweegaanbod. Vaak betaalt de deelnemer 50% en de gemeente de andere 50%, door inzet van de Gelrepas-regeling of een vergelijkbare regeling.

Voel je goed! Lessen gezondheidsvaardigheden voor laaggeletterden

De interventie Voel je goed! richt zich speciaal op laaggeletterde volwassenen die aan een gezonder gewicht willen werken. In twintig wekelijkse gezondheidslessen werken deelnemers in kleine groepjes betere gezondheidsvaardigheden. Het doel is dat deelnemers zich mentaal en fysiek beter gaan voelen en een gezonder gewicht krijgen.

Tijdens de lessen wordt stilgestaan bij o.a. doelen, motivatie, sociale steun en de rol van de verleidelijke eetomgeving. Ook bewegen deelnemers samen tijdens de lessen. Een diëtist begeleidt de deelnemers daarnaast individueel met een aantal consulten.

Veenendaal: beweeggedeelte GLI grotendeels vergoed vanuit Gemeentepolis

In Veenendaal betaalt de gemeente het grootste gedeelte van het sportprogramma voor GLI-deelnemers met een Gemeentepolis bij Menzis GarantVerzorgd. Zij betalen dan € 17,50 per maand. Wanneer zij in aanmerking komen voor de minimaregeling kost het € 9,- per maand.

GLI-programma healthyLIFE in Sittard/Geleen zorgt voor gedeeld eigenaarschap

Stichting Ecsplore en zorggroep Meditta uit Sittard-Geleen integreerden de gecombineerde leefstijlinterventie Coaching op Leefstijl (CooL), positieve gezondheid en een beweegprogramma tot één programma.

Binnen het programma healthyLIFE werken zorgverzekeraars, gemeenten en Provincie Limburg samen. De gemeente financiert de (eerste 14 weken) beweegcoaching.

De succesfactor van healthyLIFE is eigenaarschap creëren bij alle betrokken partijen, maar daarbij ook rekening houden met ieders belangen. In dit implementatiemodel vind je de succesfactoren en randvoorwaarden voor een succesvolle implementatie.

GLI-programma Samen Gezond Eten en Bewegen traint de trainer

In Rotterdam is de interventie Samen Gezond Eten en Bewegen (SGEB) ontwikkeld. Deze interventie is gericht op vrouwen met een lage SES en overgewicht. Uniek is het train-de-trainer-principe: een deel van de deelnemers wordt opgeleid om zelf de basiscursus te geven.

De toegevoegde waarde is dat deze vrouwen zelf uit een moeilijk te bereiken groep komen. Denk bijvoorbeeld aan migranten of vrouwen die nauwelijks de deur uit komen. Dit vergroot de laagdrempeligheid en herkenning voor nieuwe deelnemers.

De financiering komt uit lokale welzijnssubsidies. Ook is deelname aan SGEB in sommige gevallen toegestaan als tegenprestatie voor een bijstandsuitkering.

Meer weten over de Gecombineerde Leefstijlinterventie? Neem contact met ons op: info@pharos.nl of 030 234 9800.

Naar boven