Sociaal-emotionele ontwikkeling van je leerling

Wat is het belang van sociaal-emotioneel leren voor nieuwkomers? Hoe weet je hoe ver je leerling is met de sociaal-emotionele ontwikkeling en wat is de volgende stap? Kun je problemen op het gebied van welbevinden signaleren en bespreken?

Belang  van sociaal-emotioneel leren

Sociaal-emotioneel leren (SEL) is het gericht werken aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. Verschillende studies laten zien dat sociaal-emotionele vaardigheden samenhangen met het welbevinden van leerlingen en hun schoolprestaties. Leerlingen van wie de sociaal-emotionele vaardigheden beter ontwikkeld zijn, ervaren over het algemeen een hogere mate van welbevinden en presteren beter op school.

Ook biedt SEL ondersteuning bij het ontwikkelen van een samenhangende identiteit, wat met name voor nieuwkomers lastig kan zijn. Nieuwkomers zijn als het ware onderdeel van twee gemeenschappen: de gemeenschap en cultuur die mee wordt genomen vanuit hun thuisland; en de gemeenschap en cultuur die ze op school en in het nieuwe land meekrijgen. Dit kan leiden tot een lastig balanceer proces tussen verschillende (culturele) waarden en noties. Waarbij de centrale vraag “wie ben ik zelf?” telkens terug komt. Aandacht besteden aan deze identiteitsontwikkeling kan nieuwkomers helpen een evenwicht te vinden tussen de cultuur uit hun thuisland en de nieuwe (school)cultuur waarin ze zich bevinden. Sociaal-emotioneel leren speelt hier een belangrijke rol in.

Competenties sociaal-emotioneel leren

Bij SEL gaat het in feite om levensvaardigheden. Leerlingen gebruiken ze niet alleen in de klas, maar overal, gedurende hun hele leven. CASEL (Collaborative for Academic, Social, and Emotional Learning) heeft een onderverdeling gemaakt in vijf overkoepelende sociaal-emotionele competenties: Besef van zichzelf, zelfmanagement, besef van een ander, relaties hanteren en keuzes maken. De vijf competenties worden ingedeeld in competentiedomeinen:

  • Ik-competenties (besef van zichzelf en zelfmanagement): zelfbeeld ontwikkelen, emoties herkennen en benoemen, strategieën inzetten om beter om te gaan met heftige emoties en doelgericht gedrag ontwikkelen.
  • Jij-competenties (besef van de ander en relaties kunnen hanteren): empathie (je inleven in de ander), omgaan met diversiteit, samenwerken, vrienden maken en conflicten voorkomen en oplossen.
  • Wij-competenties (keuzes maken): normen en waarden ontwikkelen, weloverwogen keuzes maken en kunnen onderbouwen, verantwoordelijkheid nemen.

Sociaal-emotioneel leren, wat kun je doen?

Problemen in de sociaal-emotionele ontwikkeling ontstaan niet zomaar, maar verlopen procesmatig. De kwetsbaarheid en weerbaarheid van de leerling bepalen de ernst van het probleem en waar de oplossing ligt. Tijdig signaleren van moeilijkheden in de sociaal-emotionele ontwikkeling is daarom van belang voor het verdere proces. Maar hoe doe je dat?

Signaleren op leerling-niveau

Om goed te kunnen signaleren is het belangrijk om de sociaal-emotionele ontwikkeling van je leerlingen te volgen. Dit wordt vaak gedaan met een volgsysteem. Sommige nieuwkomerscholen/klassen maken gebruik van volgsystemen voor regulier onderwijs. Andere nieuwkomerscholen ontwikkelen een eigen aanpak. Voorbeelden:

  • Een zelf ontwikkelde observatielijst m.b.t. de sociaal-emotionele ontwikkeling, zoals die van de Wereldschool in Schiedam (te vinden op de LOWAN site)
  • Een zelf ontwikkelde veiligheidsmeting die leerlingen zelf in kunnen vullen, zoals die van de Wereldschool in Schiedam (te vinden op de LOWAN site)
  • De monitor voor ISK’s over veiligheid en schoolklimaat, zoals die van Kwaliteitssscholen (te vinden via de LOWAN site)

Je kunt ook gebruik maken van de doelgroep schema’s van de SLO. Hierin is per levensfase beschreven welke sociaal-emotionele vaardigheden kinderen moeten ontwikkelen.

Reflectie op de signalen

De volgsystemen, observatielijsten en doelgroep schema’s geven vaak een goed beeld van de te ontwikkelen sociaal-emotionele vaardigheden per levensfase. Bij nieuwkomers is er echter soms sprake van een achterstand in de sociaal-emotionele ontwikkeling, ofwel door het missen van schooljaren of als gevolg van traumatische gebeurtenissen. Dit hoeft niet gelijk erg te zijn, vaak trekt dit bij naarmate het kind meer is “geland” en er in de klas expliciet aandacht wordt besteed aan de sociaal-emotionele ontwikkeling.

Neem in de reflectie op de signalen dus altijd de achtergrond van het kind mee. Wat maakt deze leerling kwetsbaar? Maar ook, wat maakt deze leerling weerbaar? Aan welke vaardigheden moeten we extra aandacht besteden en welke eigenschappen van deze leerling moeten we daarbij aanspreken?

En dan?

  • Maak aan de hand van de reflectie een plan van aanpak. Bekijk welke vaardigheden de leerling nog moet ontwikkelen en hoe jij de leerling daar in kan ondersteunen. Dit kunnen soms hele kleine aanpassingen zijn. Heeft de leerling bijvoorbeeld moeite met het herkennen van emoties, kijk dan of je met behulp van emotiekaarten de leerling meer bewust kan maken van zijn of haar emoties.
  • Zoals eerder aangegeven is het ook hierbij belangrijk om je te beseffen dat elke leerling anders is en een andere achtergrond heeft. Dit betekent dat ogenschijnlijk vergelijkbare situaties bij de ene leerling, soms een heel andere aanpak vragen dan bij het andere. Werk stapsgewijs, kijk wat werkt bij de leerling en wees geduldig: het ontwikkelen van deze vaardigheden vergt tijd en herhaling. Gun de leerling dit ook.

Bij het onderdeel Groepsklimaat – werken aan de sociaal-emotionele ontwikkeling in de groep, worden meer handvatten gegeven voor het ondersteunen van leerlingen in hun sociaal-emotionele ontwikkeling in de klas.

Bronnen