Factsheet

Eritrese vluchtelingen

Jonge mannen en vrouwen afkomstig uit Eritrea zijn de grootste groep Afrikaanse asielzoekers in Nederland op dit moment. Professionals bij de gemeente, in de zorg en in het onderwijs moeten deze grote groep Eritrese vluchtelingen op de juiste manier opvangen en ondersteuning bieden. In 2016 heeft Pharos een verkenning uitgevoerd naar het welzijn en de gezondheid van Eritrese vluchtelingen in Nederland.

Feiten en cijfers

614

In 2021 vroegen 614 Eritreeërs asiel aan in Nederland. In de eerste negen maanden van 2022, vroegen 1.400 Eritreeërs asiel aan.

257

Ongeveer 40% van de asielzoekers betrof gezinsherenigers (257 Eritreeërs) in 2021.

Gezinshereniging van Eritrese vluchtelingen

In 2021 vroegen 614 Eritreeërs asiel aan in Nederland. Dit is 4% van het totaal van ongeveer 48.000. Hiervan deden ongeveer 330 Eritreeërs een eerste asielverzoek en waren er ongeveer 100 alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) die asiel vroegen. Het merendeel van de Eritrese asielzoekers waren gezinsherenigers (257). Het aantal Eritrese asielzoekers was met 7.350 het hoogst in 2015. In 2016 nam het aantal af naar 2.870. In 2017 nam het aantal weer toe. Mede door COVID-19 is het aantal asielzoekers afgenomen de afgelopen jaren. In 2022 is dit weer aan het toenemen.

Een minderheid van Eritrese vluchtelingen woont in Nederland in gezinsverband. Meer dan tweederde van hen voert een eenpersoonshuishouden (CBS Jaarrapport Integratie 2020).

Bescherming

De ernst van de situatie in Eritrea leidde ertoe dat de meeste Eritrese vluchtelingen in Nederland lange tijd bescherming kregen. Het percentage van het toekennen van een verblijfsvergunning asiel aan Eritrese asielzoekers zakt wel, van 87% in 2016 naar 62% in 2022 (Ministerie van Justitie en Veiligheid, 2022). De mogelijkheid tot het aanvragen van gezinshereniging wordt veel gebruikt. Voor Eritrese vluchtelingen is het vaak lastig om aan de juiste en vereiste documenten te komen, die nodig zijn om de familieband aan te tonen. Daarom wordt een groot deel van de Eritrese aanvragen voor nareis van familieleden afgewezen. In 2017 daalde het percentage toekenningen tot onder de 30%.

Huidige situatie in Eritrea en reden voor vluchten

In Eritrea is al jaren sprake van een totalitair regime. Er is geen persvrijheid, geen politieke vrijheid en beperkte godsdienstvrijheid. Eritrese mannen en vrouwen tussen 18 en 50 jaar zijn dienstplichtig en in de praktijk duurt deze dienstplicht vaak veel langer dan de voorgeschreven 18 maanden. Vrouwen worden van de dienst vrijgesteld zodra zij getrouwd zijn of een kind hebben.

Dienstplicht

Dienstplichtontduiking en desertie worden zonder voorafgaand proces veelal streng bestraft. In gevangenissen vinden mensenrechtenschendingen plaats, zoals martelingen. Het land illegaal uit reizen is ook een misdrijf. Via de buurlanden Sudan en Ethiopië vluchten Eritreeërs hun land uit. Zij zetten vervolgens hun reis voort via Libië om per boot de Middellandse Zee over te steken naar Italië. Vervolgens reizen ze door naar Noord-Europa (VluchtelingenWerk, 2022).

Samenstelling huidige groep Eritrese vluchtelingen in Nederland

De inwoners van Eritrea bestaan uit negen etnische groepen, waarvan de Tigrinya-groep de grootste is. Ruim 90% van de Eritrese vluchtelingen in Nederland behoort tot de etnische groep Tigrinya. Zij behoren meestal tot de Eritrees-orthodoxe (Tewahedo) kerk (Nidos, 2018).

Godsdiensten

In Eritrea zijn de twee grootste godsdiensten het christendom en de islam (voornamelijk soennieten). 63% van de bevolking is christen. Het belijden van de christelijke religie is toegestaan voor volgers van de Eritrees-orthodoxe Tewahedo-kerk, de Rooms-Katholieke kerk en de Evangelische (Lutherse) Kerk van Eritrea. Volgelingen van andere Christelijke kerken mogen hun geloof niet belijden. Zoals de Baptisten, de Zevendedags Adventisten, Presbyterianen, de Pinkerstergemeente en Jehova’s getuigen. Zij belijden hun geloof achter gesloten deuren. Dit heeft in Eritrea geleid tot het ontstaan van ondergrondse kerken en gemeenschappen. Alleen de Soennitische islamitische stroming wordt erkend. Moslims die niet de soennitische islam aanhangen, maar de conservatieve Wahhabi-islam, worden in het land soms afgeschilderd als radicaal en fundamentalistisch (Nidos, 2018).

In Nederland zijn er meerdere Eritrese-orthodoxe kerken (Rotterdam, Amstelveen, Leiden, Alkmaar, Utrecht, Eindhoven). Ook bezoeken Eritrese vluchtelingen andere orthodoxe, koptische of katholieke kerken. Daarnaast zijn er in Nederland tijdelijke informele kerken en er zijn Eritreeërs die tot de kleinere kerkgemeenschappen behoren.

Achtergrond Eritrese vluchtelingenstroom in Nederland

De eerste Eritreeërs kwamen in Nederland aan in de jaren tachtig. In de loop van de jaren zijn er meerdere Eritrese instroommomenten geweest, vaak in reactie op politieke ontwikkelingen in Eritrea (Nidos, 2018).

  • De grootste groep Eritreeërs kwam tussen 1983 en 1991 naar Nederland. Kenmerkend voor deze eerste groep is dat ze redelijk hoogopgeleid zijn en goed hun weg hebben gevonden in Nederland.
  • Begin jaren negentig kwam een tweede groep Eritreeërs naar Nederland. Dit was vlak voor de onafhankelijkheid van Ethiopië. Deze tweede groep is lager geschoold (veel vrouwen zijn analfabeet) en bestaat uit veel eenoudergezinnen.
  • De derde vluchtelingenstroom kwam op gang tussen 1998 en 2000. Het gaat om mensen uit het grensgebied met Ethiopië. Zij zijn door de oorlog van huis en haard verdreven (Ogbemicheal, 2006).
  • De laatste grote instroom van Eritreeërs begon in 2014 en duurt nog voort. Het gaat opnieuw vooral om mensen uit het grensgebied met Ethiopië. Ruim 90% behoort tot de Tigrinya-bevolking en is Koptisch christen.

Er bestaan grote verschillen in politieke visie en mate van nationalisme tussen deze verschillende groepen Eritreeërs. Dit kan soms leiden tot onderlinge spanningen en wantrouwen. Tegelijkertijd zetten veel oudkomers zich in voor de recent gearriveerde Eritrese vluchtelingen.

Onderwijs

Onderwijs staat hoog aangeschreven in de Eritrese cultuur en samenleving. Volgens UNESCO (2018) is ruim 76% van de Eritrese bevolking geletterd. Onder jongeren is deze geletterdheid hoger en ligt rond de 93%. De basisschool in Eritrea heeft 5 leerjaren. Zoals ook voor veel andere Afrikaanse landen geldt, gaan leerlingen in ‘shifts’ van halve dagen naar school. Daar leren zij de staatstaal Tigrinya. Vanaf het middelbaar onderwijs (vanaf 12-13 jaar en de 6e tot en met 12e klas) worden leerlingen geschoold in het Engels. Voor hoger onderwijs komen alleen jongeren in aanmerking die slagen voor een test aan het eind van hun middelbare school. Slaag je niet? Dan is er de vaak zeer lange militaire dienstplicht.

Opleidingsniveau van Eritrese vluchtelingen

Het opleidingsniveau is over het algemeen laag van jongeren afkomstig uit dorpen in de grensgebieden. Redenen hiervoor zijn onder andere minimale toegang tot secundair onderwijs en de sociaal economische ongunstige situaties van ouders. De oudste kinderen moeten vaak meehelpen in de landbouw of doen ander werk om financieel bij te dragen. Een andere reden kan de vlucht op jonge leeftijd zijn. Sommige alleenstaande minderjarige vreemdelingen verbleven enkele jaren in een vluchtelingenkamp voor zij doorreisden naar Europa. Hierdoor is een gat ontstaan in het aantal jaren onderwijs dat is gevolgd.

Eritrese vluchtelingen en opvoeding

In Eritrea hebben ouders een traditionele rolverdeling. De opvoeding wordt voornamelijk als taak voor moeders gezien. Vaders spelen in de dagelijkse opvoeding een minder grote rol. Dit komt onder andere omdat ze veel afwezig zijn vanwege de dienstplicht. Hun rol ligt bij het kostwinnerschap, correctie van gedrag en het aanleren van waarden en normen.

Opvoedstijlen en seksualiteit

De opvoedstijlen van ouders kunnen echter enorm verschillen en zijn afhankelijk van opleidingsniveau, religie en woonplaats (dorp of stad). Eritrese ouders uit de steden hanteren over het algemeen een vrijere opvoeding dan mensen woonachtig in dorpen. De lange dienstplicht leidt ertoe dat het merendeel van de mannen en jongens een groot deel van het jaar niet thuis is. Moeders staan alleen voor de opvoeding, en een vaderfiguur ontbreekt in veel huishoudens. De huidige groep Eritrese vluchtelingen heeft vaak te maken met deze situatie. Seksualiteit is een onderwerp binnen de opvoeding waar geen of weinig aandacht aan gegeven wordt. Het grootste deel van de Eritrese vluchtelingen heeft daarom maar zeer beperkte kennis van de vele aspecten van seksualiteit.

Waar moet je op letten als zorgprofessional?

  • Aan de ene kant gaat het bij Eritreeërs om een grotendeels jonge groep vluchtelingen. Deze groep is vanwege hun leeftijd relatief gezond. Aan de andere kant hebben zij al een lange geschiedenis met veel stressvolle en soms traumatische ervaringen, voor of tijdens de vlucht. Ook hebben zij vaak zeer beperkte gezondheidsvaardigheden vanuit het perspectief van de Nederlandse gezondheidszorg. Hoe gezond zij zijn, hangt ook af van het zo snel mogelijk kunnen oppakken van het normale leven. Zoals uitzicht op werk, opleiding of andere vormen van participatie, voldoende sociale steun/netwerken, de nabijheid van naaste familie en duidelijkheid over verblijf.
  • Daarnaast vindt veel gezinshereniging plaats vanuit Eritrea. Het vaak langdurig op verre afstand van elkaar wonen, veroorzaakt bij hereniging soms gezinsproblemen en opvoedingsproblemen. Jongeren zijn het gezag van ouders ontgroeid. Ook onderling, tussen de ouders, zijn de relaties veranderd. Meer informatie over de gevolgen van gezinshereniging vind je in de verkenning die Pharos hiernaar deed in 2018. Ook wordt een aanvraag voor gezinshereniging van Eritrese vluchtelingen regelmatig afgewezen, vanwege het ontbreken van de juiste documenten. Dit is een bron van stress en frustratie en leidt tot gezondheidsverlies.
  • Regelmatig krijgt Pharos verontrustende signalen over seksualiteit en geboortezorg. Eritrese jonge vrouwen bevallen vaak niet of onvoldoende voorbereid van een kind. Dit komt door kennisachterstand, (noodgedwongen) seksuele ervaringen tijdens de vlucht, het ontgroeien van ouderlijk gezag en mogelijke andere redenen. Ook hiernaar deed Pharos een verkenning in 2018 onder jonge Eritreeërs.

De meest voorkomende gezondheidsrisco’s

(Kennissyntheses Pharos, 2016)

  • Scabiës

    Een vrij onschuldige en makkelijk te behandelen infectieziekte. De klachten kunnen vanwege de zeer besmettelijke aard behoorlijk vervelend en hardnekkig zijn.

  • Malaria

    Een beperkt aantal Eritrese vluchtelingen zal in de loop der jaren na vestiging een malaria-aanval krijgen, die meestal mild verloopt. 2-3% van de nareizende familieleden van de Eritrese vluchtelingen zal eenmalig een malariabehandeling nodig hebben.

  • Tuberculose

    Eritrese vluchtelingen hebben een hoog risico op het ontwikkelen van een actieve tuberculose, vergeleken met andere groepen vluchtelingen in Nederland. Dit geldt voor ongeveer 1% van hen. Direct na aankomst in Nederland wordt het merendeel van de asielzoekers verplicht gescreend. Als er tuberculose wordt aangetroffen, start de behandeling direct.

  • Hepatitis

    Eritreeërs vormen een hoog risicogroep voor chronische hepatitis B en C, net als andere vluchtelingen uit landen in Sub-Sahara Afrika. Dit kan onbehandeld tot ernstige ziekte leiden. Omdat deze infecties lang zonder symptomen zijn, is actieve opsporing nodig.

  • Reproductieve en seksuele gezondheid

    Eritrese vluchtelingen hebben een grote kennisachterstand op het gebied van seksuele gezondheid, o.a. een beperkte kennis over voortplanting, anticonceptie en soa’s. Een aantal van hen heeft ervaringen met seksueel geweld. Dit leidt soms tot ongewenste zwangerschappen. Bij 0.7% van de volwassen in Eritrea wordt hiv geconstateerd (in Nederland 0.2%). Ook voor de overige soa’s zijn Eritreeërs een hoog risicogroep.

  • Meisjesbesnijdenis

    Eritrea kent een hoog aantal gevallen (83%, Unicef 2021) vrouwelijk genitale verminking (vgv). De vormen van vgv die vrouwen en meisjes hebben ondergaan, zijn zeer uiteenlopend. En afhankelijk van verschillende factoren zoals etniciteit, religie, rurale of stedelijke gebieden en het opleidingsniveau van de ouders. Dit houdt in dat alle typen vgv in Eritrea voorkomen. Doordat wetgeving rond het verbod van meisjesbesnijdenis in Eritrea (sinds 2007) strikter is geworden, wordt verwacht dat vrouwenbesnijdenis is afgenomen. Pharos gaat er, met enige voorzichtigheid, vanuit dat tussen de 50% en 75% van de Eritrese meisjes en vrouwen die in Nederlandse gemeenten komen wonen besneden zijn. De huidige groep asielzoeker- en vluchtelingvrouwen behoort vooral tot de Tigrinya-bevolking. Onder deze groep wordt veelvuldig type 1 vgv (clitoridectomie) uitgevoerd. Dit is een gedeeltelijke of gehele verwijdering van de clitoris. Lees meer over vgv en de verschillende types.

  • Huigverwijdering

    Zoals in meer landen in Noord en Centraal Afrika (o.a. Nigeria, Kameroen, Tsjaad, Marokko, Soedan, Ethiopië, Kenia, Tanzania) komt huigverwijdering (uvulectomie) ook in Eritrea voor. Deze harmful traditional practice wordt in Nederland gezien als een onnodige ingreep aan het lichaam, die wordt afgeraden. In hoeverre het hier voorkomt en/of er complicaties zijn opgetreden, is niet bekend.

  • Psychische klachten

    Onder invloed van hun ervaringen in het land van herkomst en onderweg, is er een hoger risico op psychische klachten, PTSS en depressie dan gemiddeld in Nederland. Dit geldt ook voor andere vluchtelingen. Zo’n 13-25% van de vluchtelingen ontwikkelt PTSS en/of depressie.

Eritrese vluchtelingen in gemeenten maken minder gebruik van de zorg in vergelijking met andere vluchtelingen (CBS, 2018). Dit kan te maken hebben met hun leeftijd die gemiddeld lager is dan andere vluchtelingen. Maar ook met culturele verschillen, taboes, taalbarrière en onbekendheid met de zorg in Nederland.

Meer lezen?

Bekijk ook de factsheet over Syrische vluchtelingen.

Meer informatie

Eritreeërs Gezond op Facebook en website Gezond in Nederland

De Facebookpagina Eritreeërs Gezond is een project van Pharos en enkele GGD-en. Eritreeërs kunnen op deze pagina hun vragen stellen over de gezondheidszorg en gezond blijven in Nederland. De vragen worden beantwoord door een team van Eritrese zorgprofessionals, ondersteund door Nederlandse professionals werkzaam bij GGD-en en Pharos. Daarnaast plaatst het team algemene informatie over gezondheid en zorg in Nederland in de vorm van teksten, korte filmpjes, infographics, animaties en ander voorlichtingsmateriaal. Bij vragen over individuele medische kwesties zal het team naar een hulpverlener, (zorg-) organisatie of een huisarts verwijzen.

Op de website Gezond in Nederland is informatie over de Nederlandse gezondheidszorg beschikbaar in het Tigrinya, Arabisch en Nederlands. De informatie is een bundeling van de vragen die zijn gesteld op de Facebookpagina’s Eritreeërs Gezond en Syriërs Gezond.

Van ver gekomen – Een verkenning naar het welzijn en de gezondheid van Eritrese vluchtelingen

Van ver gekomen – Een verkenning naar het welzijn en de gezondheid van Eritrese vluchtelingen 

In 2015 kreeg Pharos verschillende signalen van professionals in zorg en opvang. Zij zijn bezorgd over de sociaal-maatschappelijke situatie en gezondheid van een nieuwe groep Eritrese vluchtelingen. Bijvoorbeeld over zaken als kwetsbare seksuele en reproductieve gezondheid, overmatig alcoholgebruik en schuldenproblematiek. Dit was aanleiding voor Pharos om een verkenning uit te voeren naar het welzijn en de gezondheid van deze nieuwe groep vluchtelingen.