Infosheet

‘Flatten the curve’ in zorggebruik ouderen

We krijgen meer ouderen met meer diversiteit, maar minder zelfredzaamheid in tijden van minder handen in de zorg

Ouderen leven steeds langer. Maar niet van alle ouderen neemt de levensverwachting toe. De leeftijd waarop ouderen met een lagere sociaaleconomische status (lage ses) en migrantenouderen gemiddeld overlijden is al jaren hetzelfde. Zij leven niet steeds langer. Er zijn vier factoren om rekening mee te houden als het gaat om wonen, (publieke) zorg en welzijn voor ouderen: ouderen leven langer thuis maar kunnen dat niet allemaal zelfstandig, de vergrijzing is gekleurd en ongezonder, er is een groeiend tekort aan handen in de zorg, en gezonder oud worden is complex.

Vier factoren ouderenzorg

1. Ouderen blijven langer thuis wonen

Geïnstitutionaliseerde ouderenzorg waarin Nederland lang uniek was, is met de toenemende vergrijzing niet langer financieel haalbaar. Het past ook bij de emancipatiebeweging van de ouder wordende mens om langer te willen genieten van een zelfstandig leven. ’70 is het nieuwe 60’, ’80 is het nieuwe 70’, ’90’ is het nieuwe ‘80’. Langer zelfstandig leven betekent echter dat we ervan uitgaan dat mensen zelf de verantwoordelijkheid kunnen nemen om zo lang mogelijk gezond te blijven. Zelfstandigheid vereist immers zelfredzaamheid. En zelfredzaamheid vereist een bepaalde mate van gezondheid (fysiek en geestelijk) en mobiliteit.

Ouderen in kwetsbare situaties

Zoals de samenleving nu is ingericht kan niet iedereen in deze beweging mee. Daarom is ook de Rijksoverheid doordrongen van de noodzaak kwetsbare ouderen te ondersteunen in deze zelfstandigheid en zelfredzaamheid. Al dan niet door professionele hulp, zorg en welzijn. Er is een scala aan middelen dat door de overheid is opgetuigd om kwetsbare ouderen op te vangen en te voorzien van de juiste ondersteuning.

Binnen de groep die als kwetsbare ouderen wordt aangeduid, is er een groep ouderen die hun hele leven lang al in kwetsbare omstandigheden leeft. De middelen aan professionele hulp, zorg en welzijn ter ondersteuning van zelfredzaamheid bereiken deze ouderen niet of nauwelijks. Het zijn mensen die altijd al moeite hadden mee te draaien in wat de maatschappij van hen vraagt op het vlak van scholing, wonen, werken, inkomen, opvoeding, financiën en samenleven met anderen.

Ook mensen die hoogopgeleid zijn, altijd een inkomen hebben genoten en weinig van sociale voorzieningen gebruik hebben hoeven maken, kunnen kwetsbaar zijn in hun ouderdom. Ook voor hen is aandacht nodig. Zij weten echter meestal de hulp, zorg en welzijn die er is, te vinden en benutten, of zetten het eigen netwerk in.

2. Meer gekleurde vergrijzing en meer ouderen met chronische ziekten

Naar verhouding stijgt het aantal ouderen in Nederland en een groter aandeel van hen heeft een niet-westerse migratieachtergrond. In 2030 is één op drie 65+’ers in de vier grote steden (G4) migrant.

Oudere migranten en hun mantelzorgers hebben andere (gezondheids-) behoeften en vele van hen leven in armoede. Ouderen met een lage opleiding en ouderen die leven in armoede hebben doorgaans een slechtere kwaliteit van leven en meer chronische ziekten. Dementie komt bijvoorbeeld vaker voor onder ouderen die leven in armoede en onder oudere migranten. Dat betekent dat het aantal ouderen dat hun hele leven al moeite heeft om mee te komen en dat ongezonder is toeneemt. Dit vraagt van professionals in de domeinen wonen, (publieke) zorg en welzijn en hun bestuurders om ander aanbod, een andere manier van werken en om het inzetten van andere vaardigheden.

3. Tekort aan zorgmedewerkers en mantelzorgers

Nu al zijn er mensen te kort. De verhouding tussen het aantal mantelzorgers en het aantal ouderen wordt steeds ongunstiger. Met name in het domein gezondheidszorg ontstaan al tekorten in professionele zorgverleners. Het laat zich niet aanzien dat hierin op korte termijn verandering komt. Nu is meer dan ooit belangrijk dat het beroep aantrekkelijk blijft. Plezier in het werk bereik je door zorg te bieden die zinnig is en aansluit bij wat ouderen nodig hebben. Wanneer steeds meer ouderen zorg nodig hebben voor wie de reguliere manier van werken onvoldoende is, wordt het steeds moeilijker voldoening uit het werk te halen. Het is nodig dat er geïnvesteerd wordt in duurzaamheid.

4. Verschillen tussen hoogopgeleide en laagopgeleide ouderen nemen toe

In recente cijfers is terug te zien dat hoogopgeleide ouderen langer in goede gezondheid leven, terwijl deze toename bij lager opgeleide ouderen niet plaatsvindt. Hoogopgeleide ouderen lukt het steeds vaker de keuze te maken om gezonder te gaan leven door meer te gaan bewegen, gezonder te gaan eten en ook zorgen zij steeds vaker dat ze (blijven) participeren. Een gezondere leefstijl lijkt een kwestie van wíllen, maar is dat niet. Ouderen die hun hele leven lang al in kwetsbare omstandigheden leven hebben die keus vaak niet om gezonder te gaan leven. De kloof met de groep ouderen die hun hele leven al in kwetsbare omstandigheden leeft, wordt alleen maar groter.

Determinanten van gezondheid

Gezondheid wordt bepaald door verschillende sociale determinanten, een combinatie van persoonlijke kenmerken en omstandigheden waarin mensen worden geboren, opgroeien, wonen en werken. Bij mensen die hun leven lang in kwetsbare omstandigheden leven, zien we dat hun gezondheid door verschillende determinanten negatief beïnvloed is:

  • Onderwijs: laag opgeleid, minder/geen (digitale- en gezondheids-) vaardigheden
  • Werk: veel werkloosheid, maar ook laagbetaald, fysiek zwaar en relatief gevaarlijk werk. Nachtdiensten en baan-onzekerheid/relatief veel flexibel werk
  • Zorg: toegang vinden tot de juiste zorg is ingewikkeld, maar ook is de afstemming tussen verschillende zorgprofessionals lastig, wat vaker nodig is bij mensen met multimorbiditeit
  • Wonen: vaak in zogenoemde achterstandswijken. Huizen zijn vaak klein, gehorig en dicht op elkaar. Soms naast snelwegen, waardoor de luchtkwaliteit van de omgeving slechter is
  • Financieel: armoede en schulden.

Ongunstige omstandigheden hebben invloed op de mogelijkheden van mensen en de keuzes die mensen maken als het gaat om leefstijl, maar ook op de mate van toegang tot gezondheidsinformatie en goede kwaliteit van zorg, preventie en andere voorzieningen. Tussen leefstijl en omstandigheden is een sterke wisselwerking.

Leefstijl en gezondheid

Mensen die langdurig in armoede leven, wonen vaker in omstandigheden die slecht zijn voor de gezondheid (bijvoorbeeld meer fijnstof, vochtige huizen, onveilige buurt). Als gevolg van het geldgebrek ervaren zij meer stress. Mensen hebben daardoor minder aandacht voor gezondheid en gezond gedrag, maar hebben ook minder geld om te besteden aan gezonde voeding of deelname aan sportclubs. Geldgebrek kan ook een barrière zijn voor toegang tot zorg en preventie. Huisartsen zien geregeld dat mensen verwijzingen naar een ziekenhuis niet opvolgen vanwege de kosten. Dit geldt ook voor verwijzing naar fysiotherapie, diëtiste of gebruik van tandartsenzorg omdat dit niet in het basispakket van de verzekering is opgenomen. Ouderen die hun leven lang in kwetsbare omstandigheden hebben geleefd hebben dan ook vaker hart- en vaatziekten, diabetes, depressies en dementie.

Flatten the curve ouderenzorg

We staan  in Nederland de komende jaren voor een grote uitdaging. Als er niets gebeurt stijgt de curve van de vraag naar ouderenzorg. Dit komt door de toename van het aantal ouderen met meer gezondheidsproblemen dat niet voldoende zelfredzaam is, dat meer zorg nodig heeft, zorg die aansluit bij de grotere diversiteit onder ouderen, terwijl er steeds minder handen beschikbaar zijn. De huidige omstandigheden op het gebied van wonen, zorg en welzijn zijn ontoereikend om dit stijgend aantal aan te kunnen. Het is tijd om de curve om te buigen en je voor te bereiden. Hoe bereid je je in de regio hierop voor en aan welke knoppen kan gedraaid worden?

De meeste winst kan worden behaald bij de ouderen met een lage ses of migratieachtergrond. De curve daalt het meest als zij gezonder oud worden en zelfredzamer kunnen leven. Daarvoor is nodig dat er ook voor hen technologie/eHeath ingezet kan worden en er met minder formele zorg en ondersteuning in in netwerkzorg samengewerkt kan worden met informele zorg. Juist omdat er een sterke wisselwerking is met leefstijl, is voor het ombuigen van de curve verandering nodig in de domeinen (publieke) zorg, welzijn en wonen. Daarmee wordt voorbereiden op de gekleurde vergrijzing al snel complex. Afstemming op regionaal niveau is van belang. Maar er kunnen direct al stappen gezet worden; laaghangend fruit als het ware. Ook deze kleinere stappen leveren in de regio meteen voordelen op in de regio voor ouderen én aanbieders en gemeenten.

Inzicht krijgen in voorbereiding in de regio’s

Op dit moment inventariseren we welke lokale uitdagingen, oplossingen en aanpakken van de grote vraagstukken in de ouderenzorg er in regio’s in Nederland te vinden zijn. Hoe ziet een duurzame regionale structuur eruit? Het huidige systeem is niet toekomstbestendig. Er wordt in verschillende regio’s in het land nagedacht over veranderingen in de domeinen wonen, zorg en welzijn. We zien dat er behoefte is in de nieuwe systemen die ontwikkeld (gaan) worden direct de ouderen die hun leven lang in kwetsbare situaties leefden, die moeite hebben zelfstandig hun weg te vinden, mee te nemen. Er gebeurt veel. In e regio’s wordt gewerkt aan overzicht krijgen en onderlinge afstemming wordt nagestreefd.

De juiste oplossingen voor vraagstukken specifiek rondom oudere migranten en hun mantelzorgers lijken moeilijker te vinden. Er wordt in verschillende regio’s ervaren dat er als het ware een achterstand is in de aansluiting op de (gezondheids)behoeften van deze ouderen, waardoor extra inzet nodig lijkt. Langzaamaan lijken de baten die extra inzet kunnen opleveren op te gaan wegen tegen middelen en tijd die nodig zijn voor extra inzet. Maar hier zijn nog veel onzekerheden over en onduidelijkheden waar in het huidige systeem de kosten worden gemaakt en waar de baten terecht komen. Deze onzekerheden lijken enigszins geparkeerd te worden en de verschillende stakeholders gaan met elkaar in gesprek. In de inventarisatie zien we de behoefte om specifiek over oudere migranten en hun mantelzorgers het gesprek met elkaar aan te gaan. Dit faciliteren we dit jaar in enkele regionale werktafels. Later dit jaar volgen de analyse en rapportage.

Instrumenten en mogelijkheden

De uitdaging is groot, maar dat betekent niet dat kleine stappen zinloos zijn. We laten je instrumenten en mogelijkheden zien om kleine stappen te zetten om een bestaande gang van zaken te veranderen. En kleine stappen om nieuw te ontwikkelen aanpakken beter aangepast op de toekomst te krijgen. Dit verkleint al gezondheidsverschillen en vergroot de kans op een effectief systeem dat betaalbaar blijft, houdbaar is en past bij een samenleving waarin iedereen meetelt.

Verkrijg inzicht

De publicatie ‘Gezondheidsverschillen duurzaam aanpakken. De negen principes voor een succesvolle strategie’ is een prettig basisdocument. In de publicatie bieden we geen blauwdruk en geen uitgestippelde route. Wel bieden we een richting – een kompas. De informatie is onderbouwd met wetenschappelijke kennis en praktijkervaring uit binnen- en buitenland. De instrumenten en mogelijkheden om al direct in te zetten zijn gebaseerd op deze negen principes. We bieden informatie die inzicht geeft in Gezond ouder worden.  We faciliteren bijeenkomsten om in een wijk zicht te krijgen op wat er speelt en waar verschillende stakeholders naar op zoek zijn. Bijvoorbeeld rond een onderwerp als dementie. Neem voor meer informatie contact op met Jennifer van den Broeke, j.vandenbroeke@pharos.nl.

Sluit aan op de (gezondheids)behoeften van ouderen

Samen werken met de mensen om wie het gaat is een van de succesfactoren om tot een effectieve aanpak voor gezondheidsverschillen te komen. Doe dit al in een vroeg stadium zodat behoeften en drijfveren worden geïdentificeerd en geprioriteerd. Zo wordt beter aangesloten bij de belevingswereld, sociale normen, dagelijkse zorgen en de leefsituatie.

Werk persoonsgericht

In persoonsgericht werken staat de persoon centraal en hebben professionals aandacht voor de sociale omstandigheden, de emoties, waarden, behoeften en vaardigheden van mensen. Deze manier van werken is een voorwaarde om effectieve en samenhangende zorg en ondersteuning te kunnen bieden. Dit geldt voor professionals uit zowel medisch als sociaal domein.

Versterk geloof in eigen kunnen en zelfredzaamheid

Binnen de gezondheidszorg en het sociaal domein wordt een grote nadruk gelegd op autonomie, eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid. Om iedereen in staat te stellen gezond te zijn en te blijven, is het belangrijk om waar mogelijk mensen te ondersteunen bij het versterken van gezondheidsvaardigheden, geloof in eigen kunnen en zelfregulatie, en het verminderen of voorkomen van stress.

Inclusieve aanpak

Het bieden van gelijke gezondheidskansen houdt in dat maatregelen, beleid en interventies rekening houden met verschillen tussen mensen en groepen, en dat de intensiteit van de inzet hierop wordt aangepast. Alleen door een combinatie van universeel beleid met maatwerk kan de sociaaleconomische gradiënt in gezondheid aangepakt worden.